Symposium Mentale weerbaarheid

Dinsdag 30 oktober vond de academische rede van hoogleraar sportpsychologie Nico W. van Yperen plaats. Met het uitspreken van deze rede is in Groningen de eerste hoogleraar Sportpscyhologie van Nederland gevestigd! Voorafgaand aan dit evenement organiseerde het Sport Science Institute Groningen een symposium over mentale weerbaarheid. In een volle senaatszaal vertelden drie talenten over hun visie op mentale weerbaarheid. De middag werd in goede banen gegeleid door de dagvoorzitter Koen Lemmink, voorzitter van het SSIG.

Als eerste vertelde schaatser Dai Dai Ntab aan Nico van Yperen in een interview over hoe hij met tegenslag omgaat. Sponsorperikelen en het mislopen van de Olympische Spelen verminderde bij hem het plezier in het sporten. Hij vertelde hoe hij daar mee om gaat en hoe het binnen het team normaal is om elkaar te helpen bij dit mentale aspect. “Houd het simpel” was zijn advies.

Vervolgens gaf Ruud den Hartigh een kijkje in de ‘Groningse onderzoekskeuken’. Hoe maak je de mentale weerbaarheid van een sporter zichtbaar? Experimenten met sporters die in één tegen één duels streden voor de winst, maar waar hun onderlinge afstand van te voren al was bepaald. De manier waarop de sporters daarop reageerden maakte de mentale weerbaarheid zichtbaar. Daarnaast demonstreerde  Ruud live een tool dat hij momenteel aan het ontwikkelen is waarmee je sporters een kijkje kan geven in hun eigen mentale gesteldheid tijdens trainingen of wedstrijden.

Het symposium eindigde met sportpsycholoog Kelly Dekker die vertelde over een nieuwe methode (Acceptance and Commitment Training, ACT) waarmee zij sporters, maar ook andere mensen die regelmatig een topprestatie moeten leveren, leert om zich niet te laten afleiden door belemmerende gedachten. Met voorbeelden uit haar eigen praktijk liet ze zien hoe je niet altijd controle hebt over je eigen gedachten en ook waarom dat niet erg hoeft te zijn.

Al met al was het een succesvol en goed bezocht symposium welke werd gevolgd door de academische rede van Nico W. Van Yperen. De academische rede is via deze link terug te lezen en hieronder terug te zien.