Ieder meisje kan op iedere hoek van de straat voetballen

​Met drie keer een uitverkocht stadion en negen punten uit de groepsfase hebben de Oranjeleeuwinnen een groot uitroepteken gezet achter de enorm groei van het meiden-vrouwenvoetbal in Nederland. Het Women’s EURO (WEURO) 2017 had wat dat betreft niet op een beter moment in eigen land kunnen worden georganiseerd. Waar de Oranjeleeuwinnen in 2009 nog debuteerden op het Europees kampioenschap met een verrassende halve finale plek en op die manier het grote publiek voor het eerst kennis lieten maken met vrouwenvoetbal live op televisie, kunnen de wedstrijden nu rekenen op meer dan 2.000.000 kijkers1; ter vergelijking de mannen Champions League finale trok ‘maar’ 1.800.000 kijkers. Dat het meiden- en vrouwenvoetbal leeft in Nederland moge dus duidelijk zijn. Deze column onderzoekt wat daarin de belangrijkste ontwikkelingen zijn geweest en op welke wijze de KNVB ondersteuning biedt bij de talent- en breedteontwikkeling van het vrouwenvoetbal.

Hoe heeft vrouwenvoetbal zich in Nederland ontwikkeld?

Hoewel vrouwen al eerder voetbalden, werd vrouwenvoetbal in 1971 officieel erkend door de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond (KNVB). Een aantal jaar later ging de KNVB ook competities voor meiden organiseren. Waar er in 1998 nog 65.000 vrouwen lid waren van de KNVB, waren dat er in 2016 al 153.000. Inmiddels is het vrouwenvoetbal de snelst groeiende sport van Nederland2,3. Rutger de Kwaasteniet, promovendus aan de Universiteit Utrecht, doet onderzoek naar de ontwikkeling die het vrouwenvoetbal heeft doorgemaakt en het stijgend aantal vrouwelijke leden. Uit zijn onderzoek blijkt dat er vooralsnog geen bevredigende verklaring is voor de ontwikkeling en omvang van de beoefening van vrouwenvoetbal in Nederland. Wellicht dat deze toename verklaard kan worden doordat het beeld van de samenleving ten opzichte van het vrouwenvoetbal positief is veranderd, met als gevolg daarvan meer toegankelijkheid voor het vrouwenvoetbal. Door het groeiende aantal verengingen in Nederland die meiden en vrouwenvoetbal aanbieden, is het momenteel voor ieder meisje bij wijze van spreken mogelijk om “op de hoek van de straat te voetballen”.

Positieve en negatieve kanten van de groei

Roos Brouwer, medewerker voetbalontwikkeling bij de KNVB, geeft aan dat plezier en ontwikkelingskansen de twee belangrijkste aspecten binnen het meidenvoetbal zijn en centraal moeten staan. De groei in het aantal speelsters en verengingen draagt bij aan de ontwikkeling van talentvolle speelsters door veel keuzes aan te bieden en het belang van een meisje als individu voorop te stellen. Het meest ideale scenario daarbij is dat verenigingen voor alle mogelijke ambities van speelsters (te denken valt aan recreatief, prestatief en toptalent) een goede plek kan bieden. De groei zou dit kunnen bewerkstellingen. Echter, doordat meiden bij steeds meer verenigingen welkom zijn, voetballen meiden steeds vaker verspreid over verengingen, waardoor het vormen van teams met betrekking tot de juiste ambitie soms niet haalbaar blijkt en dit vormt met name een probleem voor de prestatieve en recreatieve meiden. De zogenaamde toptalenten vinden de beste plek juist in gemengde teams, dat wil zeggen, met jongens en meiden door elkaar.

Ontwikkeling en groei stimuleren

Belangrijk is dus dat de positieve ontwikkeling binnen het meiden en vrouwenvoetbal blijft en de stijging van het voetbalniveau binnen Nederland gestimuleerd wordt middels talentontwikkeling, kaderontwikkeling, clubontwikkeling etc. “Het is belangrijk dat jonge meiden zelf ervaren hoe het is om in zowel een meiden- als gemengd team te spelen, voordat er een keuze wordt gemaakt door een speelster. Het is van belang dat een speelster niet gelijk binnen een bepaald team wordt ingedeeld op basis van geslacht, maar dat meiden gelijke kansen krijgen op basis van niveau, talent en ambitie en er zelf kan worden gekozen voor recreatieve- of prestatieve teams en voor meiden- of gemengde teams”, aldus Roos. Uit ons eigen onderzoek4 blijkt dat meiden tussen de 8 en 11 jaar spelend in een gemengd team betere technische vaardigheden lieten zien dan meiden uit een meidenteam/uit een niet gemengd team. De kans om de top te bereiken is dan ook het grootst wanneer tijdens de jeugd in een gemengd team is gespeeld. Dit blijkt ook als gekeken wordt naar de huidige Oranjeleeuwinnen, waarbij het grootste gedeelte in gemengde teams heeft gespeeld5.

Om het plezier, talentontwikkeling en de gehele organisatie van vrouwenvoetbal op lokaal niveau te handhaven, is daarnaast de rol van het bestuur binnen een vereniging enorm belangrijk. Het is van groot belang dat het bestuur van de club de speelsters zelf een keuze toelaat betreft spelen in een meiden- of gemengd team. Zoals Rutger aangaf: “de KNVB kan het stimuleren, maar de verenigingen zullen het zelf moeten oppakken”.

Talentontwikkeling voor getalenteerde speelsters

Voor speelsters die het talent en de motivatie hebben om de top te bereiken, bestaan verschillende programma’s binnen de KNVB. Zo zijn er twee Centra voor Topsport en Onderwijs (CTO’s) binnen Nederland die het mogelijk maken voor getalenteerde voetbalsters om topsport te combineren met het volgen van onderwijs. Daarnaast is er het Jeugd Plan Nederland (JPN), die middels de selectieteams uit de regio’s, talentvolle speelsters de gelegenheid biedt om zich optimaal te ontwikkelen. Verschillende (oud)-Oranjeleeuwinnen hebben door deze programma’s reeds de top bereikt en de talenten van nu staan te popelen om ooit in hun voetsporen te treden!

Toekomstbeeld

Kortom, wanneer het lukt om de groei binnen het meidenvoetbal te combineren met talentontwikkeling op een nog hoger niveau binnen de verenigingen en talentprogramma’s, dan blijven de talenten van morgen zich ontwikkelen en kunnen er de komende jaren mooie stappen worden gezet om het niveau binnen Nederlands meiden- en vrouwenvoetbal nog verder te verhogen. Het huidige EK wat momenteel in volle gang is, kan hierbij goed laten zien waar de Oranjeleeuwinnen momenteel staan en wat de status van vrouwenvoetbal in Nederland ten opzichte van de rest van Europa op dit moment is.  Onze verwachting is dan ook dat dit kampioenschap, dankzij de ontwikkelingen van de afgelopen jaren en het thuisvoordeel, mooie resultaten kan opleveren!

 

Referenties

  1. http://www.ad.nl/show/2-2-miljoen-tv-kijkers-zien-leeuwinnen-winnen~a9e67b94/
  2. Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB). (2016). Voetbal is ontwikkeling KNVB jaarverslag 2015/’16. Zeist. Geraadpleegd van http://knvb.h5mag.com/knvb/jaarverslag_2015/de_knvb_in_cijfers_2/20630/KNVB_Cijfers_2016_Organisatie_Ledenaantal.pdf
  3. Mullier Instituut. (april 2017). Vrouwenvoetbal is de snelst groeiende sport’. Over ontwikkelingen in deelname van meisjes- en vrouwenvoetbal te downloaden. Geraadpleegd van https://www.kennisbanksportenbewegen.nl/?file=7703&m=1491477884&action=file.download
  4. Nijboer, V. & De Jong, B.E. (2017). Onderzoek wedstrijdvormen meisjes-vrouwenvoetbal onder 9 tot onder 13 jaar. Ongepubliceerd manuscript.
  5. Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB). (2017). Doorstroom nationale teams. Ongepubliceerd manuscript.

 

 Vince Nijboer & Esmee de Jong

Masterstudenten Sport Sciences aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Zij hebben voor hun masterafstudeerproject beiden onderzoek gedaan binnen het meidenvoetbal bij de KNVB onder begeleiding van Jan Verbeek. Naast zijn bijdrage aan deze column, hebben ook Rutger de Kwaasteniet en Roos Brouwer (beiden KNVB) een bijdrage geleverd.